Belasting op het huis-aan-huis verspreiden van reclamedrukwerk en daarmee gelijkgestelde producten

Dienstjaren 2002 t/m 2006.

... Gelet op de financiŽle toestand van de stad;

Overwegende dat de controle op het aantal bedeelde drukwerken onmogelijk juist kan worden bepaald;

Overwegende dat onvolledige verspreidingen geen aanleiding geven tot belastingvermindering;

Overwegende dat collectieve adresaanduiding per straat of gedeeltelijke adresvermelding geen aanleiding geven tot vrijstelling of vermindering;

Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en schepenen;

Gelet op artikel 117 van de nieuwe gemeentewet;

Gelet op de wet van 24 december 1996 betreffende de vestiging en de invordering van de provincie- en de gemeentebelastingen;

Gelet op de wet van 15 maart 1999 betreffende de beslechting van fiscale geschillen;

Gelet op de wet van 23 maart 1999 betreffende de rechterlijke inrichting in fiscale zaken;

Gelet op het Koninklijk Besluit van 12 april 1999 tot bepaling van de procedure voor de gouverneur of voor het college van burgemeester en schepenen inzake bezwaarschriften tegen een provincie- of gemeentebelasting;

Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 21 november 2000 houdende goedkeuring van het belastingreglement op het huis-aan-huis verspreiden van reclamedrukwerk en daarmee gelijkgestelde producten - dienstjaar 2001;

Gelet op het negatief advies uitgebracht door de Milieu Adviesraad Mortsel op 13 september 2001;

Gelet op de besprekingen in de gezamenlijke raadscommissie van 12 september 2001;

BESLUIT IN OPENBARE ZITTING (18 september 2001) MET 17 STEMMEN VOOR EN 11 STEMMEN TEGEN (H.POOTERS, M.SCHAMPAERT, L.VAN STAEYEN, P.VAN DER VEKEN, J.DE BACKER, R.LIBERT,M.DUPON, A.VAN GEEL, M.VAN CAMPFORT, T.PEPERMANS en M.CELIS) :

Art.1. Met ingang van 1 januari 2002 en voor een termijn eindigend op 31 december 2006 wordt een belasting geheven op het huis-aan-huis verspreiden van reclamedrukwerk en daarmee gelijkgestelde producten op het grondgebied van de stad Mortsel.

Art.2. Onder reclamedrukwerk wordt verstaan elke publicatie die er toe strekt bekendheid te geven aan commerciŽle activiteiten, handelszaken, merknamen en andere elementen, en die erop gericht is een potentieel cliŽnteel er toe te bewegen gebruik te maken van de diensten en/of producten van de adverteerder.

Onder gelijkgestelde producten wordt verstaan de stalen of reclamedragers van gelijk welke aard die aanzetten tot gebruik van het aangeprezen product of de aangeboden dienst.

Onder huis-aan-huis verspreiding wordt verstaan het systematisch achterlaten van het drukwerk zonder adressering in de brievenbussen van woningen, zonder dat de bestemmeling hiervoor enig initiatief heeft betoond.

Art.3. De belasting is verschuldigd telkenmale er een huis-aan-huis verspreiding van reclamedrukwerk of een daarmee gelijkgesteld product plaatsvindt.

Art.4. De belasting wordt vastgesteld op 0,02 EUR per exemplaar met een minimum van 150 EUR per bedeling.

Art.5. De volgende publicaties zijn van de belasting vrijgesteld:

  1. publicaties van publiekrechtelijke personen;
  2. publicaties van socio-culturele en sportverenigingen;
  3. publicaties kleiner of gelijk aan A4 met maximum 4 bladzijden.

Art.6. De belasting is verschuldigd door de uitgever of de verspreider of, indien die niet gekend zijn, door diegene onder wiens handelsnaam, logo of embleem, de reclame wordt gevoerd.

Art.7. De belastingplichtigen zijn er toe gehouden aangifte te doen van de belastbare elementen 2 dagen voor de datum waarop de verspreiding wordt aangevangen van het reclamedrukwerk of daarmee gelijkgesteld product dat het voorwerp uitmaakt van de aanslag. Deze aangifte zal vergezeld zijn van een specimen van het te verspreiden drukwerk of daarmee gelijkgesteld product.

Art.8. Bij gebrek van aangifte binnen de gestelde termijn of in geval van onjuiste of onvolledige of onnauwkeurige aangifte wordt de belasting van ambtswege ingekohierd overeenkomstig artikel 6 van de wet van 24 december 1996. De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de ontdoken belasting.

Art.9. De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

Art.10 De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in de gelijknamige wet van 24 december 1996, zoals aangevuld en gewijzigd door de wet van 15 maart 1999 betreffende de beslechting van fiscale geschillen en latere aanvullingen en het uitvoeringsbesluit terzake.

Art.11. De overtredingen worden vastgesteld door beŽdigde, daartoe speciaal aangewezen ambtenaren. Die ambtenaren worden aangewezen door het college van burgemeester en schepenen. De door hen opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het tegendeel. De bevoegde stadsbeambten zijn gemachtigd om alle inbreuken op dit reglement vast te stellen.

Art.12. Een onderzoek de commodo et incommodo zal ingesteld worden. Indien tijdens dit onderzoek geen bezwaren worden ingediend zal deze beslissing als bepaald vastgesteld worden aanzien en voor akteneming overgemaakt worden aan de bevoegde overheid.

laatste wijziging: 11/08/10